Mineke Bosch schreef biografie over Aletta Jacobs
Aletta Jacobs, van naïef dorpsmeisje tot wereldberoemde feministe
Laten we om te beginnen de kennis eens testen. Wie is Aletta Jacobs? Is het de eerste vrouw die in Nederland op de H.B.S. zat, de eerste vrouw die in Nederland universitair onderwijs volgde, de eerste vrouw die in Nederland arts werd of de eerste vrouw die in Nederland promoveerde? Een eitje. Alle antwoorden zijn goed, want Jacobs was altijd 'de eerste'.
Mineke Bosch, historica en universitair hoofddocent aan de Universiteit Maastricht, schreef een Aletta Jacobs-biografie van achthonderd pagina's. Over hoe een naïef joods dorpsmeisje een wereldberoemde feministe werd.
Letje, zoals Aletta Jacobs in haar jeugd werd genoemd, haalde net geen 1,60 meter. Een kleine vrouw die zich volgens neef Teengs Gerritsen overal mee bemoeide. "Je hebt twee soorten tantes. De aardige en de niet-aardige. En Aletta komt boven aan de lijst van niet-aardige tantes", vertelt hij als tachtigjarige in een interview in het boek Aletta Jacobs, het hoogste streven (1995). "Mijn vader was een zeer levenslustige man en tante Aletta zat alleen maar te zaniken over vrouwenrechten en al die dingen meer." Lachen deed ze volgens Teengs Gerritsen (bekend geworden als verzetsstrijder) nooit en knap was ze al helemaal niet. Ze moest ook wel een onmogelijk mens zijn om te bereiken wat ze heeft bereikt, concludeert hij.
Mineke Bosch, schrijfster van de eerste biografie over Jacobs, Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid, Aletta Jacobs 1854-1929, ergert zich aan dit soort verhalen: "Hoe haal je het in je hoofd om zoiets te zeggen? Mensen denken altijd 'ze was een feministe, dus ze zal wel een haaibaai zijn geweest'. Onzin. Je moet je voorstellen dat Teengs Gerritsen in die tijd een klein kind was. Natúurlijk kan het zijn dat hij zijn oude tante een rare vrouw vond, maar wat zegt dat? In hetzelfde boek is een interview opgenomen met het toen twaalfjarige buurmeisje van Aletta. Een oude zuurpruim noemt ze haar. Even later komt er een heel andere kant bovendrijven. Het schijnt dat Aletta wel altijd heel lief was voor haar moeder." Bosch geeft toe dat het moeilijk oordelen is over het karakter van een vrouw die anderhalve eeuw geleden werd geboren, maar uit briefwisselingen tussen Jacobs en goede vriendinnen Helene Mercier, hervormer op het gebied van de sociale zorg in Nederland, en Carrie Chapman Catt, presidente van de Wereldbond voor Vrouwenkiesrecht, concludeert Bosch dat ze niet nors was. Eerder geestig, attent en hartelijk.
Tentoonstelling in Den Haag De presentatie van het eerste exemplaar van de biografie Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid, Aletta Jacobs 1854-1929 van Mineke Bosch was op 28 april 2005, in de Tweede Kamer ging gepaard met een tentoonstelling getiteld Aletta Jacobs en het verlangen naar de politiek. De voorzitter van de Tweede Kamer, Frans W. Weisglas, opent de expositie waarin de politieke ambities van Aletta Jacobs centraal staan. Te zien zijn brieven, haar reiskist, spotprenten en ook foto's en een film. Drie portretten van Aletta Jacobs van de schilder Isaac Israels hangen voor het eerst naast elkaar. De actuele betekenis van Aletta Jacobs komt naar voren in filmclips van zes Kamerleden. Leerlingen van het Aletta Jacobscollege uit Hoogezand lieten in een korte film zien wat zij over de naamgeefster van hun school willen vertellen.Tweede Kamer
Er is veel geschreven en gezegd over Aletta Jacobs, maar er is nog nooit een wetenschappelijke biografie over haar geschreven, gebaseerd op onderzoek in Nederland en het buitenland. Maar liefst vijf jaar heeft Bosch aan het boek gewerkt. Op het moment van het interview ligt het bij de drukker, vooraf was alleen een (onvolledig) manuscript beschikbaar. Het eerste exemplaar wordt op 28 april gepresenteerd in de Tweede Kamer. Een kroon op haar werk. Vijf jaar onderzoek, dat betekende veel lezen, reizen, spreken en schrijven. En al die jaren draaide het om één vrouw: Aletta Jacobs. Waarom zij? "Ik ben ooit door het Prins Bernhard Cultuurfonds gevraagd een kleine notitie te schrijven over welke vrouwen ik een biografie waard vond. Daar kwam een hele lijst uit voort. Toen ze naar mijn 'nummer één' vroegen, antwoordde ik 'Aletta'. Niet omdat ze mijn grote liefde was, maar omdat ik het nodig vond. Ik wilde graag een bijdrage leveren aan de kennis van de politieke geschiedenis van Nederland."
Achthonderd pagina's? "Dik hoeft niet slecht te zijn. Het is een uitgebreid werk, heel gedetailleerd, maar wel goed te volgen, juist omdat alle uitweidingen in relatie staan tot één persoon. Bovendien is deze omvang heel normaal voor een biografie."
Hysterie
Aletta Jacobs werd in 1854 geboren in het Groningse Sappemeer. Haar vader was huisarts. Al op zesjarige leeftijd wist ze dat ze in zijn voetsporen wilde treden. Dus toen ze na haar lagere school naar de jongedamesschool moest, een particuliere school waar zij voornamelijk handwerkjes maakte en goede manieren leerde, kreeg ze de kriebels. Veertien dagen hield ze het vol. Ze vond het dwaas en verspilling van haar tijd, zo staat in het eerste hoofdstuk van Een onwrikbaar geloof in rechtvaardigheid. De oplossing? Thuisblijven en moeder helpen in de huishouding, maar Jacobs werd er ziek - ze leed aan malaria-aanvallen en hoofdpijn - en wanhopig van. Bosch: "Het was iets waar wel meer vrouwen en meisjes rond 1870 last van hadden. De drang om mee te doen in de maatschappij, zonder perspectief dat dit ook kon. Niet voor niets werden er velen ziek van die uitzichtloosheid. Dat werd dan vaak door de omgeving geassocieerd met hysterie. Met Aletta kwam het goed omdat ze een doel had: ze wilde dokter worden. Andere vrouwen wilden ook iets bereiken, maar konden het vaak niet benoemen. Heel frustrerend."
Levy Ali Cohen, vriend van haar vader en Inspecteur van het Geneeskundig Staatstoezicht, wees de vijftienjarige erop dat zij zich kon voorbereiden op een leerling-apothekersexamen. Twee meisjes waren haar voorgegaan, wist hij. Deze kans greep ze met beide handen aan. Het examen haalde ze in 1870. Nog geen jaar later werd ze ingeschreven bij de Rijksuniversiteit Groningen. Dit laatste gebeurde niet zomaar. Zonder dat haar ouders het wisten, schreef ze een brief aan de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken Thorbecke. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Ze had geluk, want Thorbecke schreef terug. Als haar vader het goed vond, ging hij ermee akkoord. Ze was zich er helemaal niet van bewust dat ze iets bijzonders deed, zegt Bosch. "Aletta was een naïef dorpsmeisje dat niet wist wat er in de wereld te koop was. Pas jaren later besefte ze dat dit revolutionair was."
Joodse achtergrond
Bosch noemt Aletta Jacobs "een nieuwe, moderne vrouw". Ze vond het heel gewoon dat vrouwen werkten, zichzelf ontwikkelden, een mening hadden en beslissingen namen. Hoewel, voegt de biografe er snel aan toe, Aletta was in haar tijd niet de enige vrouw die opstandig was. "Natuurlijk was zij de eerste die arts werd en promoveerde en daardoor heeft zij een enorme voorsprong gekregen, maar er waren ook genoeg meisjes die in haar schaduw stonden. Het geromantiseerde beeld van één geweldige vrouw moet je als onderzoeker proberen recht te trekken." Het Matthew-effect verduidelijkt haar standpunt: "Wie eenmaal beroemd is, krijgt steeds meer heldendaden toegeschreven, meer dan terecht is." Zo is het ook met de boeken die over haar zijn geschreven, vindt Bosch. De ene auteur schrijft de andere na.
In haar biografie speelt bijvoorbeeld de kwestie of de benaming Dutch Cap (pessarium) inderdaad te danken is aan Jacobs. Bosch acht het waarschijnlijker dat hij is ontleend aan de adoptie van dit pessarium door de Nieuw-Malthusiaansche Bond en pas later aan Jacobs is toegeschreven op grond van het Matthew-effect.
De joodse achtergrond van het gezin Jacobs en de rol van Aletta's echtgenoot Carel Gerritsen zijn tot nu toe onderbelicht. Aletta Jacobs profiteerde van de contacten van haar vader die voorzitter was van de joodse kerkraad. Bosch: "Abraham Jacobs nam deel aan provinciale vergaderingen waarin hij verkeerde met notabelen die veel invloed hadden op het gebied van gezondheid en politiek. Een van hen was Levy Ali Cohen. Hij was een huisvriend." Cohen had via de minister gehoord dat hij als inspecteur vrouwen kon toelaten tot het examen. Vrouwelijke leerling-apothekers zouden vooral komen te werken als hulpjes van de dokter. Jacobs dacht er anders over. Zij wilde verder studeren aan de universiteit en zelf dokter worden.
Liefde
"Carel Gerritsen wordt vaak afgeschilderd als een doetje, 'want dat kan toch ook niet anders met zo'n haaibaai als vrouw', hoor ik vaak zeggen. Het kan zijn dat hij verlegen en bescheiden was, maar hij was ook een luis in de pels, een radicaal heethoofd in de politieke strijd", lacht Bosch. Als lid van de gemeenteraad in Amersfoort, schrijft ze, dwong hij onder meer een burgemeester en wethouder tot aftreden. Ook stelde hij de herbenoeming van wethouders aan de kaak. Amersfoort zei hij na enkele jaren gedag, hij vertrok naar de hoofdstad waar hij eveneens raadslid werd, als vertegenwoordiger van de radicale kiesvereniging Amsterdam. De radicalen verlangden onder andere invoering van algemeen kiesrecht en sociale hervormingen.
Gerritsen was al lang in Jacobs' leven, zelfs voordat ze hem persoonlijk kende. "Hij was een groot bewonderaar van haar, getuige zijn aanwezigheid bij het propedeuse-examen en de promotie van Aletta", vertelt Bosch. "Tijdens zijn verblijf in Engeland - hij was toen begin twintig - maakte Gerritsen kennis met vrouwelijke artsen. Zij intrigeerden hem. Hij werd een feminist. Zijn bewondering voor Jacobs was dus in eerste instantie ideologisch. Uiteindelijk is hij verliefd op haar geworden. Echte liefde." De eerste stap naar een huwelijk werd gezet in het buitenland. "Tijdens een voettocht in Zwitserland, die Aletta samen met Gerritsen en drie kennissen maakte, besloot het duo - nadat de drie waren afgevallen - samen de reis voort te zetten en zoals zij dat in haar Herinneringen formuleert 'de gevolgen daarvan te aanvaarden'." Ze gingen een vrije relatie aan. Een huwelijk hoefde voor beiden niet. Aletta Jacobs wilde economisch onafhankelijk blijven, wonen waar zíj wilde en zelf beslissen onder welk document ze wel of niet haar handtekening zou plaatsen. Allemaal zaken die de toenmalige huwelijkswetgeving onmogelijk maakte. Toen ze echter samen een kind wilden, trouwden ze alsnog. "Gerritsen wilde de Tweede Kamer in en hij vond het onfatsoenlijk om, eenmaal vader, niet getrouwd te zijn. Helaas is het kind een dag na de geboorte overleden."
Vrouwenkiesrecht
"Aletta, een rasechte feministe, was een van de oprichters van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VvVK) in 1894. In de beginjaren zette zij zich niet actief in voor de vereniging. Zij was vooral 'ingezonden-brievenschrijfster'." In eerste instantie koos Jacobs, vertelt Bosch, voor de mannenpolitiek. De invoering van het vrouwenkiesrecht wilde ze bevechten met echtgenoot Gerritsen en de Radicale Bond, waar zij lid van was. Ze wilde "hetzelfde spel spelen in hetzelfde speelveld." Drie jaar na de oprichting van de VvVK werd ze weliswaar presidente van de afdeling Amsterdam, maar "naar het lijkt meer om de herverkiezing van haar feministische echtgenoot Gerritsen te steunen dan iets anders", staat in haar biografie. Gerritsen streed voor het algemeen kiesrecht voor mannen en vrouwen en via hem probeerde ze in de politiek een voet tussen de deur te krijgen. Pas ná de Nationale Tentoonstelling van Vrouwenarbeid in 1898, zag ze het belang in van de VvVk en wat vrouwen met elkaar, in de vrouwenbeweging, konden bereiken.
Nog geen jaar na de tentoonstelling in Den Haag bundelde Jacobs een aantal artikelen. Daarin nam ze de volgende stelling in: "Vrouwenkiesrecht is hét middel om iets te doen aan vrouwenarbeid, prostitutie en geboortebeperking." In 1903 werd Aletta Jacobs presidente van het hoofdbestuur van de VvVK en dat zou ze zestien jaar blijven. "Uniek", vindt Bosch. De vereniging groeide uiteindelijk tot 25 duizend leden.
Toen het actieve kiesrecht voor vrouwen in 1919 eenmaal was bereikt, bleef Jacobs zich inzetten voor de rechten van de vrouw. Als 'penvoerder van het modern feminisme'. "In het Maandblad van de VvVK schreef ze een achtergrondartikel over het vrouwelijke minderwaardigheidscomplex. Vrouwen hadden altijd gedacht dat ze minder waren dan mannen. Die gedachte moesten ze van zich afzetten. Ook schreef zij over vrouwelijke seksualiteit en het libido. Haar allerlaatste publicatie ging over een personeelsadvertentie waarin alleen maar mannen werden gevraagd", lacht Bosch. "Dag en nacht bekeek Aletta alles door een genderbrilletje."
http://www.alettajacobs.org/home.html
http://www.iiav.nl/eng/databases/schatten/moskou/moskou_materiaal.html
© Genderdiversiteit, 2007-2010 -- Hosting & design: De Bebouwde Kom